“Soms zijn er situaties waardoor je bepaalde informatie niet met ouders wilt delen. Weet jij wat er mogelijk is en welke afwegingen er zijn?”

Dit is een vraag die binnen het platform 1SociaalDomein werd gesteld door een orthopedagoog. Uiteraard zijn er situaties te bedenken waarbij dit een legitieme vraag kan zijn. Vanuit de praktijk zie ik echter ook regelmatig de andere kant, waarbij ouders aanlopen tegen de begrenzing van hun ouderlijk gezag en informatievoorziening rondom hun kind. Ook al is het kind voor de wet niet volwassen en blijven ouders verantwoordelijk voor de veiligheid en ontwikkeling van hun kind, de leeftijdsgrens waarbij ouders niet meer hoeven te worden geïnformeerd of gevraagd om toestemming is de afgelopen jaren flink naar beneden gebracht. Zeker wanneer dit kinderen met een aandoening als FASD (en onderliggende comorbide diagnostiek) betreft kunnen deze situaties leiden tot problemen m.b.t. de ontwikkeling of veiligheid van het kind of jongere. Hieronder mijn reactie op de gestelde vraag op het platform:

Een probleem dat we in de praktijk helaas steeds vaker zien door het steeds meer beperken van ouderlijk gezag en niet betrekken van ouders bij gesprekken of besluitvorming rondom het kind, is dat er hierdoor juist onveilige situaties kunnen ontstaan. Niet alle kinderen van 14 of 15 of 16 jaar en ouder zijn in staat om zelf goed hun situatie te kunnen beoordelen en weloverwogen besluiten te nemen. Zeker wanneer er sprake is van een aandoening als FASD (of de comorbide onderliggende aandoeningen als ASS), komen we in de praktijk situaties tegen waarbij ouders/verzorgers hun kinderen moeten beschermen tegen het verkeerd interpreteren van functioneren en capaciteiten van het kind door professionals uit onderwijs, zorg of hulpverlening. En dat zij daarbij tegen de steeds lagere leeftijdsgrens aanlopen t.a.v. artsenbezoek, overleg en verslagen inzien e.d. Niet altijd wordt hier even verstandig mee omgegaan en leidt het uitsluiten van ouders m.b.t. communicatie met het kind of bepalen van passende interventies juist tot escalatie of ontstaan van een onveilige of ongewenste situatie.

Denk bijv. aan het aspect van anticonceptie. Bij jongeren met FASD lopen fantasie en werkelijkheid nogal eens door elkaar heen, functioneren zij op veel jongere leeftijd (maar wordt dit gemaskeerd door leeftijdsgerelateerde expressieve taalvaardigheid, waarbij de receptieve taalvaardigheid/informatieverwerking op het niveau van een klein kind zit). Gecombineerd met het niet kunnen zien van oorzaak-gevolg verbanden, slechte impulscontrole, geheugenproblematiek, informatieverwerkingsproblematiek, grote naiviteit en beinvloedbaarheid, en een ‘normaal’ uiterlijk e.d., worden deze kinderen en (jong)volwassenen in de praktijk altijd overschat en overvraagd, waardoor bestaande problematiek onnodig wordt verergerd en secundaire problematiek kan ontstaan. Ouders geven aan dat ze pas serieus genomen worden wanneer de professionele omgeving handelingsverlegen wordt, er gevaarlijke situaties of escalaties ontstaan en er uiteindelijk educatie of aanschuiven bij MDO wordt aangevraagd. Op dat moment is het soms te laat om het negatieve effect op ontwikkeling of toekomstperspectief van het kind terug te draaien.

Net als bij het gebruik van de meldcode, lijkt ook hier het kind soms met het badwater te worden weggegooid wanneer er vanuit niet goed geinformeerd zijn en vanuit het verkeerd interpreteren van signalen, ouderlijk gezag wordt ondermijnd in situaties waarbij ouders/verzorgers wellicht beter geinformeerd zijn dan de professionele omgeving. Professionals zouden er goed aan doen om niet te vergeten dat ouders/verzorgers meestal degene zijn die het kind het beste kennen.

“Hebben ouders altijd recht op volledige kopie dossier van de behandeling van hun kind?”
Getagd op:                         

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *